■ KRO ■ De traditionele kerststal op het Sint-Pietersplein is dit jaar niet zo traditioneel. Criticasters zijn niet zozeer teleurgesteld in de moderne vormgeving van de Bijbelfiguren, maar wel in de “lelijkheid” ervan.

Het is elk jaar weer een van de gezelligste happenings in het Vaticaan: de officiële opening van de kerststal op het Sint-Pietersplein, waarbij de lichtjes in de enorme spar naast de obelisk voor het eerst gaan branden. Gisteravond vond de inhuldiging van de kerststal en kerstboom van dit jaar plaats. Het evenement was weliswaar vanwege corona bescheidener dan voorgaande edities, maar toch feestelijk. Waar normaal gesproken de kerstgroep gevoelens van devotie en vertedering oproept, is er ditmaal echter sprake van enige afschuw.

Maria, Jozef, de kerstengel, de os en de ezel, de herders met hun schapen zijn dit jaar gemaakt van keramiek. Het betreft grote beelden waarvan de biologische lichaamscontouren nagenoeg ontbreken. De kunstenaar prefereerde kennelijk onnatuurlijke vormen om de Bijbelse gestaltes neer te zetten.

De beelden komen uit het stadje Castelli, gelegen in een streek in de Abruzzen die bekendstaat om zijn keramiekproductie. Volgens de officiële lezing hebben de vervaardigers zich laten inspireren door antieke beeldhouwkunst uit Sumer en Egypte. De beeldengroep valt bij sommige bezoekers niet in de smaak. Sterker nog, ze vinden het ronduit lelijk.

Vorig jaar kwamen de kerstfiguren uit Scurelle uit de Italiaanse regio Trentino. In 2018 viel de kerstgroep bij het grote publiek bijzonder in de smaak. Voor het eerst was het tafereel geheel gemaakt van zand, afkomstig uit het stadje Jesolo bij Venetië. Kunstenaars uit Nederland, Tsjechië, Rusland en de VS hadden de zandsculpturen ter plekke gemaakt, wat in Rome veel aandacht trok.