■ KRO ■ De eens zo bloeiende Nederlandse provincie van de Orde der Minderbroeders Kapucijnen werd in 2017 een ‘custodie’. Het generale bestuur van de orde in Rome heeft onlangs besloten dat de Nederlandse kapucijnen vanaf december 2020 een ‘delegatie’ van de Duitse ordesprovincie vormen. Dat staat in het nieuwste nummer van het Nederlandse kapucijnenblad Met Kap en Koord.

De nieuwe regeling maakt deel uit van een reorganisatie van de orde in Europa. Zo zijn de Britse kapucijnen al onderdeel geworden van de Ierse ordesprovincie.

“Het is een heel gedoe binnen de Europese kapucijnenwereld. De rol van Europa is uitgespeeld in religieus opzicht; de eeuw van Azië en Afrika komt eraan”, zegt pater Piet Hein van der Veer, nu nog de custos van de Nederlandse kapucijnen.

Het omzetten van de Nederlandse custodie in een delegatie is niet eenvoudig, legt de custos uit. “De Nederlandse kapucijnen hebben met andere wetten te maken dan de Duitse. Alle zakelijke relaties moeten opnieuw bekeken en veranderd worden, alle verzekeringen, uitkeringen, polissen, vergoedingen en alle testamenten, alle bezit en ga zo maar door, moeten op een nieuwe naam gesteld worden.”

Vooral op financieel gebied is de samenwerking met Duitsland ingewikkeld. “Daarvoor moet een apart regelement opgesteld worden. Of zou de Duitse provinciaal voor elk bonnetje van de bakker of schoenmaker willen tekenen?”, aldus Van der Veer.

Rond 1960 telde de Nederlandse provincie meer dan 600 leden. Thans zijn er nog 45 broeders, van wie de meeste in Tilburg wonen, waar het enig overgebleven kapucijnenklooster staat. De Duitse provincie telt 110 leden, van wie er ongeveer twintig tussen de 40 en 60 jaar oud zijn.