■ KerkNet ■ Paus Franciscus heeft vanmorgen op het Sint-Pietersplein in Rome, in aanwezigheid van tienduizenden vooral Italiaanse, Spaanse, Duitse, Poolse en Latijns-Amerikaanse pelgrims, zeven mensen heilig verklaard. Naar aanleiding daarvan formuleert de Duitse theoloog en dogmaticus prof. Jan-Heiner Tück ernstige bedenkingen bij die overvloed aan zalig- en heiligverklaringen, die ook onder deze paus onverminderd doorgaat.

De zalig- en heiligverklaringen kregen vooral een sterke impuls onder de Poolse pausJoannes Paulus II. De Poolse paus, opgegroeid onder het communisme, hoopte gelovigen op die manier een model ter navolging voor te spiegelen. Tegelijk maakte hij duidelijk dat heiligheid in het bereik ligt van iedereen. Volgens hogleraar Jan-Heiner Tück doet de ene na de andere heiligverklaring ook in vele eigen katholieke middens wenkbrauwen fronsen. Dit lijkt al te sterk op een autosacralisatie en zelfverheerlijking van de Kerk, in schril contrast met de huidige golf van crises en schandalen in de katholieke Kerk.

Tück heeft vooral bedenkingen bij de vaststelling dat de ene paus na de andere wordt zalig- en heiligverklaard. In 1954 werd paus Pius X (1903-1914) heilig. In 2000 werden de pausen Pius IX (1846-1878) en Johannes XXIII (1958-1963) allebei door Joannes Paulus II zalig verklaard. De Poolse paus zelf werd op zijn beurt in 2011 door Benedictus XVI zalig en in 2014 door paus Franciscus heilig verklaard. Bovendien loopt ook nog eens een proces voor de zaligverklaring van de ‘33 dagen’-pausJoannes Paulus I (1978).