■ Trouw ■ Onlangs werd bekend dat VVD-politica ­Jeanine Hennis-Plasschaert een nieuwe baan krijgt. Ze verruilt de Tweede Kamer voor Irak, waar zij de lokale missie van de VN gaat leiden. Geen gemakkelijke baan, lijkt me zo. Werd Ad Melkert niet ooit bijna het slachtoffer van een aanslag terwijl hij dezelfde functie bekleedde?

Ik was Hennis-Plasschaert eerlijk gezegd een beetje vergeten. Nu moest ik weer aan haar denken, en ook aan de reden waarom ze aftrad als minister van defensie. Vervolgens rolde het korreltje dat ze in mijn hoofd geworden was, door en bleef het liggen bij het Vaticaan.

Hennis-Plasschaert kwam vorig jaar onder vuur te liggen na een keihard rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over het mortierongeluk in Mali in 2016. Daarbij kwamen twee Nederlandse militairen om het leven en raakte één infanterist zwaargewond. ­Defensie was, zo oordeelde de raad, ‘ernstig tekortgeschoten’. Hoewel Hennis niet persoonlijk kon weten dat de militairen in Mali ondeugdelijke granaten hadden meegekregen, voelde zij zich bestuurlijk ­verantwoordelijk voor de fouten in haar organisatie en trad af.

Dat begrip ‘bestuurlijke verantwoordelijkheid’ kwam ik tegen in een interview met Wim Deetman in het blad Kerk in Den Haag. Deetman leidde de commissie die ­onderzoek deed naar misbruik in de Nederlandse rooms-katholieke kerk. Eigenlijk geeft hij geen interviews meer over dit onderwerp. Maar ja, er zijn de recente schandalen in Pennsylvania en Australië en hij blijft nu eenmaal kerkelijk betrokken. Over wat de kerk moet doen is hij duidelijk: “Het lijkt me van belang dat wereldwijd, zoals dat in Nederland is gebeurd, onderzoek wordt gedaan naar de omvang van het gepleegde misbruik en de bijbehorende bestuurlijke verantwoordelijkheden. En dat de resultaten daarvan gepubliceerd worden. Hier heeft mijns inziens het Vaticaan een taak.”

In de kerk van Rome hebben ze nog niet veel nagedacht over ­bestuurlijke verantwoordelijkheid. Soms gaat het over persoonlijke verantwoordelijkheid. We hebben het bijvoorbeeld over een bisschop die zich aan misbruik schuldig maakte of mensen onder druk zette om dingen voor zich te houden of om te liegen. Eigen schuld ­erkennen is voor bisschoppen en kardinalen al lastig, laat staan om bestuurlijke verantwoordelijkheid te nemen voor fouten van anderen of daden van voorgangers.

In Rome begon deze week de bisschoppensynode over ‘jongeren, geloof en de onderscheiding van de roeping’. Ik ben blij dat ik dit laatste mag opschrijven, want ik heb moeite met het spontaan ­mondeling reproduceren van dit onderwerp van de synode. Op dag één viel het woord misbruik niet.

Ondertussen duurt de crisis in de kerk voort en weten we nog steeds niet wat er precies gebeurd is rond de Amerikaanse aartsbisschop Theodore McCarrick, die zich jarenlang aan misbruik schuldig maakte en ongestoord carrière kon maken. De zaak is aanhangig gemaakt door de Italiaanse aartsbisschop Carlo Maria Viganò, de enige deelnemer aan de Vaticaanse versie van ‘So you wanna be a klokkenluider’. Hij schreef een document waarin hij onder meer paus Franciscus van doofpotpraktijken beschuldigt. Zijn verhaal rammelt en je kunt twijfelen aan zijn motieven, maar hij wijst wel op een aantal feiten dat opgehelderd moet worden. Enkele weken geleden werd die opheldering vanuit het Vaticaan beloofd, maar terwijl ik dit schrijf, is dat nog niet gebeurd.

Ook paus Franciscus zwijgt. ­Volgens hem zit de duivel achter de misbruikcrisis. Ik ken satan niet zo goed. Maar als hij bestaat, zit hij dan ook achter het onvermogen van de kerkleiding om schoon schip te maken? Een soort cyberaanval op de ziel van de kerk?

Ondertussen ligt het Hennis-korreltje nog altijd in mijn hoofd bij het Vaticaan. Je zou willen dat er een onafhankelijk onderzoek komt naar hoe daar met misbruikschandalen is omgegaan. Dat duidelijk wordt wie er bestuurlijk verantwoordelijk was en dat daar consequenties uit worden getrokken.

Ik weet: een minister treedt af omdat hij deel uitmaakt van een democratisch bestel. Een paus of bisschop ontleent zijn ambt niet aan de wil van het volk, maar is daartoe door God geroepen. Toch hoop ik dat er kerkleiders komen die bij een bepaalde kwestie ­denken: er zijn eerbare politici die hierom zouden zijn afgetreden.