In het deuterocanonieke bijbelboek Tobit wordt verteld hoe de jonge Tobit op zijn levensweg wordt vergezeld door een reisgenoot die zich aan het eind van het verhaal openbaart als de aartsengel Rafaël: “Ik ben Rafaël, een van de zeven engelen die in de nabijheid van de troon van de Heer verkeren.” [Tobit 12,15]

Drie van hen worden in de bijbel met name genoemd: Michaël, Gabriël en Rafaël. De vier anderen zijn ons bekend via buitenbijbelse bronnen: Uriël, Berachiël, Jehudiël en Shealtiël.

bron: heiligen.net