gelezen op de website van pastoor C Mennen

Het is nog nooit voorgekomen dat een gewezen pauselijk nuntius het stilzwijgen verbreekt en schandalen die hij in zijn functie heeft meegemaakt, inclusief de medeplichtigheid van de paus, aan het licht brengt. Voormalig nuntius Viganò stelt daarbij dat zijn geweten hem daartoe dwingt, nu de corruptie in de Kerk de hoogste rangen heeft bereikt. Hij wil met een zuiver geweten voor God verschijnen en hij vindt dat hij het aan de Kerk verplicht is de waarheid naar voren te brengen.

Hij toont aan dat de gewezen kardinaal McCarrick veel vriendjes heeft onder kardinalen en bisschoppen en prelaten in het Vaticaan en dat hij met behulp van hen en als adviseur van de paus (ook nadat de paus kennis had van zijn criminele activiteiten) ervoor zorgde dat bepaalde mensen uit zijn netwerk bisschop van een belangrijke zetel en/of kardinaal werden. Hierbij worden namen genoemd als kardinaal Wuerl, Kardinaal Cupich, kardinaal Tobin en diverse anderen, allemaal voorstanders van een andere koers van de Kerk ten aanzien van homoseksualiteit. Viganò constateert dat er in de Kerk momenteel homoseksuele netwerken zijn die die elkaar de baantjes toeschuiven en het misbruik dat voor 80 % homoseksueel van aard is, toedekken. De paus zelf speelt hierin een rol. En dat niet alleen in de kwestie van McCarrick en de benoeming van Amerikaanse bisschoppen maar ook in diverse andere gevallen.

Als mensen van zijn eigen wat liberalere of linkse signatuur zijn, kunnen ze heel veel maken. We noemen hier de kwestie van bisschop Juan Barros in Chili. Tegen de wil van de bisschoppen en het volk zette de paus zijn benoeming door en noemde beschuldiging van de slachtoffers laster. Pas ten langen leste wordt Barros ontslagen. Lange tijd hield de paus hulpbisschop Pineda in Honduras de hand boven het hoofd, omdat hij de vertrouweling was van kardinaal Maradiaga, een wat dubieuze eerste adviseur van de paus. Dan zijn er verschillende kwesties in Rome. Opvallend is ook dat enkele medewerkers van kardinaal Müller die zeer ijverig en deskundig bezig waren in het onderzoek volgens de kerkelijke normen rond seksueel misbruik, plotseling zonder opgaaf van redenen werden ontslagen. Als kardinaal Müller de paus om de reden vroeg kreeg hij als antwoord: “Ik ben de paus, ik hoef u de redenen niet te geven.” Later werd kardinaal Müller zelf vervangen. Volgens bronnen in het Vaticaan omdat hij te veel achter de misbruikzaken aan zat en dat was bepaalde vertrouwelingen van de paus, die betrokken zijn bij het homonetwerk in het Vaticaan niet aangenaam.

Het merkwaardige feit doet zich nu voor dat de voorstanders van de liberale lijn van Franciscus zich alle moeite getroosten de figuur van Viganò af te schilderen als een geharnaste conservatief die daarom Franciscus onderuit wil halen. Een dergelijk argumentum ad hominem doet niet ter zake. Het enige wat telt, is toch of de aantijgingen terecht zijn, of de feiten kloppen. Tegen de aantijgingen en de feiten is nauwelijks iets ingebracht. Zelfs de paus zelf ontkent de feiten niet.
In “Nieuwsuur” hebben zowel Stijn Fens (“we vinden Franciscus zo aardig”) als bisschop de Korte ook geprobeerd de zaak te relativeren door op een richtingenstrijd in de Kerk te wijzen. Stijn Fens twijfelde daarbij aan de maatregelen die door paus Benedictus aan McCarrick waren opgelegd. Hij heeft daarbij (bewust of onbewust) zijn huiswerk niet goed gedaan. Immers ondertussen had al de indertijd hoogste medewerker van de nuntiatuur in Washington, Msgr. Jean-François Lantheaume, gezegd dat Viganò de waarheid spreekt en dat hij daarvan getuige is. Het getuigenis is dus niet zomaar een bewering van Viganò die terug gebracht kan worden tot een richtingenstrijd. Daarvoor zijn de aanklacht en de feiten te krachtig.

In deze zaak moeten we een paar dingen duidelijk stellen:

1. 
Er is inderdaad een richtingenstrijd in de Kerk. Er zijn enerzijds de orthodoxe katholieken die vasthouden aan de vaststaande leer van de Kerk en de pastoraal die daar noodzakelijk uit voortvloeit. Dat betekent bijv. dat als je op katholieke wijze gelooft in de eucharistie, je moet vasthouden aan de vaststaande praktijk van de katholieke Kerk om niet-katholieken niet tot de communie toe te laten. Als je serieus gelooft, dat (wat Jezus heeft gezegd) een burgerlijk huwelijk na een burgerlijke scheiding echtbreuk is en dus een doodzonde, je dergelijke mensen niet tot de communie kunt toelaten. Dat kan alleen als zij zich bekeren: d.w.z. zich losmaken van die overspelige relatie en als dat niet mogelijk is als broer en zus gaan leven.
De orthodoxe katholieken verzetten zich tegen liberalisering van de homoseksuele relaties binnen de Kerk en zeggen dat homoseksueel georiënteerde mensen de plicht hebben genezing te zoeken of als dat niet mogelijk is een leven in kuisheid te leiden.
De liberale richting is nominaal voor de katholieke leer. Zij onderschrijven met de mond de leer over de eucharistie, over het huwelijk en over de homoseksualiteit. Maar in de praktijk, in de pastoraal wil men ruimte voor intercommunie, communie voor hertrouwd gescheidenen (Walter Kasper en consorten) en erkenning van homoseksuelen (pater James Martin sj en zijn vriendjes in Rome zoals kardinaal Farrell, protegé van McCarrick, die hem als spreker uitnodigde op de wereldgezinsdag in Dublin). De paus neigt naar de liberale zijde maar begeeft zich liefst niet op al te glad ijs maar als anderen dat doen, bemoedigt hij hen wel daarin.
Er is inderdaad een richtingenstrijd waarin deze paus een dubieuze, weinig katholieke, rol speelt. Om die reden zullen orthodoxe katholieken geen traan laten als deze paus zou verdwijnen.
Maar dat staat los van de feiten die nu ter beoordeling staan. Die moeten op zichzelf beoordeeld worden en het zou de liberalen sieren als ze de beschuldigingen aan een serieus onderzoeken zouden willen onderwerpen.
Uitingen van een kardinaal Cupich, dat Viganò tegen Latino’s is en dat de paus een heel andere agenda heeft en bezig is met het milieu en de opwarming van de aarde, helpen daarbij niet.

2. 

De stelling van de paus, van kardinaal Cupich en andere liberalen dat de huidige crisis veroorzaakt wordt door klerikalisme is minder dan de halve waarheid. Ongetwijfeld zal klerikalisme een rol spelen. Het seksueel misbruik en cover up ervan speelt zich af in een gesloten kringetje. Maar de aard van dat gesloten kringetje is niet op de eerste plaats klerikaal maar homoseksueel. Verdedigers van de homoseksualiteit proberen dit te ontkennen door de klerikalistische kaart te spelen maar zelfs een blinde kan zien dat de rapporten uitwijzen dat 80 % van de misbruikers homoseksuele mannen zijn die zich voornamelijk richten op lichamelijk volwassen jongens en jongemannen. In Amerika is het duidelijk dat zij netwerken vormen die elkaar de baantjes toespelen etc

Het is voor mij duidelijk dat willen we ooit uit de huidige crisis komen er twee dingen moeten gebeuren:

  • Een grondig, onafhankelijk onderzoek (niet door de clerus) naar alle zaken en lijnen die er lopen en gelopen hebben, ook in het Vaticaan. Hier mag een onderzoek niet belemmerd worden, zoals in het Vaticaan gebeurd is, als een onderzoeker te dicht in de buurt kwam van malafide topfiguren. Ook de paus zelf moet onderdeel van dat onderzoek zijn.
  • Er moet een einde gemaakt worden aan het dubbelleven van priesters door een degelijker, spirituele en ascetisch vorming. Door een duidelijker bisschoppelijk toezicht op het privé-leven van de priester waarbij ingegrepen wordt als er verdenkingen zijn van het breken van de celibaatsgelofte.

Alleen zo kunnen Kerk en clerus langzamerhand weer hun geloofwaardigheid herwinnen en ophouden een voorwerp van spot te zijn.