Vandaag is een uitspraak van de huidige Paus gepubliceerd, waarin hij een wijziging gelast heeft in de Catechismus van de Katholieke Kerk aangaande de doodstraf. Het heet nu dat de doodstraf “onaanvaardbaar” is.

In een Rescriptum werd bekend dat met onmiddellijke ingang het nummer 2267 van de Catechismus van de Katholieke Kerk gewijzigd moet worden. Vanuit een vermeende doorontwikkeling van de Katholieke leer wordt in het gewijzigde tekst gesteld dat de waardigheid van de persoon niet verloren gaat, ook niet na het begaan van een zeer ernstige misdaad. Ook zou er ander inzicht zijn gekomen over het opleggen van de doodstraf door de staat. En tenslotte zouden effectievere systemen van gevangenschap zijn ontwikkeld die een betere bescherming van burgers waarborgen en die niet definitief de mogelijkheid ontneemt aan de schuldige om verlost te worden.

Op basis daarvan zou de Kerk leren (hoewel ze dat eeuwen lang niet zo geleerd heeft) met klem bevestigen dat de veroordeling tot de doodstraf een onmenselijke maatregel is die, op welke wijze dan ook zij wordt uitgevoerd, de persoonlijke waardigheid naar beneden haalt. En nieuw is ook dat de
Catechismus nu tot pamflet wordt om de doodstraf wereldwijd afgeschaft te krijgen en in dit nummer niet alleen de uitleg is van wat de Kerk leert.

Ook opmerkelijk is dat door aan deze alinea de titel “De doodstraf” toe te voegen dit alineanummer wordt losgekoppeld van het gedeelte over “De wettige zelfverdediging”, in welk kader voorheen in de kerkelijke leer gesproken werd over de doodstraf.

In het begeleidend schrijven van de Congregatie voor de Geloofsleer worden twee voorgangers van de huidige Paus aangehaald, als zouden de van hun aangehaalde uitspraken erop duiden dat zij de doodstraf, zoals deze tot nu verwoord stond in de Catechismus en mede onder hun verantwoordelijkheid gepubliceerd is, basis zijn om de kerkelijke leer daaromtrent nu te wijzigen.

Aangaande de mogelijkheid tot het uitspreken van de doodstraf spreekt de H. Schrift op diverse plaatsen: (Lev. 20, 1-6), (Mt. 15, 4), (Mc. 7, 10), (Joh. 19, 11), (Hand. 25, 11), (Rom. 13, 1-4), (Heb. 10, 28).

Eerder sprak Paus Franciscus in Amoris Laetitia, 83 zich ook al uit tegen de doodstraf hetgeen vanuit een groep theologen op het bezwaar stuitte dat die uitspraak niet overeenkomt met de kerkelijke leer, zoals o.a. Denzinger nr 795 (Brief “Ejus Exemplo” uit van Paus Innocentius III uit 1208) of Denzinger 3272 (Brief “Pastoralis Officii” van Paus Leo XIII uit 1891) aantoont. Ook Paus Pius XII toonde in zijn uitspraak van 1952 de duidelijke positie van de Kerk aan in deze.

De kerkelijke leer is tot nu toe geweest dat in heel bijzondere en het ultieme gevallen de doodstraf door de staat uitgesproken kan worden. Wel heeft de Kerk altijd geijverd om de toepassing te beperken en waar mogelijk niet uit te spreken of niet uit te voeren als niet voldoende eenduidig vaststaat dat de verdachte inderdaad schuldig is.

Hoewel in de begeleidende brief naar Evangelium Vitae wordt verwezen, om aan te tonen dat er een paradigma wijziging al door de H. Paus Johannes Paulus II werd voorzien, wordt juist niet verwezen naar de bijzondere alinea’s Evangelium Vitae, 55.56 waarin de positie van deze Paus over de doodstraf expliciet beschreven staat. Een wijziging van de tekst in Evangelium Vitae, 56, waar de ‘oude alinea’ letterlijk wordt geciteerd, is niet opgenomen in het Rescriptum.

Opvallend is overigens dat de parallelle passages over dit onderwerp in een aantal andere belangrijke teksten niet gewijzigd worden, zoals: Compendium van de Sociale Leer van de Kerk, 405, Compendium van de Catechismus van de Katholieke Kerk, 469 Youcat, 381.

RK Documenten